Zelfs in Botswana wordt hij Pumba genoemd.
Een olifant drinkt 150 tot 200 liter water per dag.
Ook een steltkluut maakt gebruik van de waterplas.
Tussen de middag nemen we een sneetje brood met voor de afwisseling een keer een kopje thee. We zitten beiden met onze rug naar de zon en hebben niet in de gaten dat er plotseling een enorm grote baviaan naast ons staat die alle brood van de tafel grist en ermee weg rent. We schrikken ons wild, de thee gaat over de grond en onze hartslag zit diep in het rood.
Het beest weet nu dat we lekkere dingen hebben en blijft om onze plek heendraaien. Hij was echter een beetje te groot om het met hem aan te leggen. We zien ook dat hij bij de buren probeert of hij in de tent kan komen, dus ruimen wij voor de zekerheid maar alle spullen op. Alles in de auto en de canopy dicht houden!
Vanaf dat moment loopt Ans gewapend met een paar grote keien rond.
Om twee uur worden we opgehaald en weg gebracht voor een boottocht over de Chobe rivier. De tocht duurt ruim drie uur en is geweldig. We zien heel veel mooie dingen, maar vooral heel veel dieren, vaak vlak naast de boot als we ergens aanleggen. Een enorme variatie van antilopes en vogels, buffels, krokodillen en vooral olifanten. Vooral de kleintjes die over de wal rennen en nog geen controle over hun slurfje hebben zijn aandoenlijk om te zien. Niet alleen wij, maar iedereen in de boot maakt veel filmpjes en foto's.
Eind van de boottocht zijn we getuige we een prachtige rode zonsondergang en vlak voordat het helemaal donker is zijn we weer terug aan wal.
Op de oever loopt een kudde kleine en grote olifanten.
De afrikaanse variant van de lepelaar.
Zonsondergang vanuit de boot.
Op de terugweg stoppen we met het busje kort bij een klein winkelcentrum waar we snel iets makkelijks kopen om vanavond te eten waarna we verder terug rijden naar de campsite. Onderweg wordt heel duidelijk waarom ons afgeraden wordt om in het donker te rijden. Er is geen verlichting en in het pikkedonker lopen vlak langs de weg de buffels en de kudu's. Levensgevaarlijk.
Bij terugkomst, rond acht uur, blijkt de accu van de wagen weer leeg en hebben we hetzelfde probleem om het portier open te krijgen. Morgen zien we wel verder. Eerst eten en dan even douchen zolang het water nog warm is. Het vuur van de donkey is namenlijk al een tijdje uit.
Als we die avond nog kort even (voor de wifi en het koude biertje) naar het terras gaan staan er zo'n 30 olifanten in de poel. Niet veel later zijn we terug op onze plek als we zien dat één van die olifanten het nodig vind om de camping op te lopen en, ondanks verwoede pogingen om hem weg te jagen, de zo mooi verzorgde bloementuin helemaal verwoest. Als het dier uiteindelijk besluit te vertrekken doet hij dat via onze kampeerplek, gelukkig wel via de andere kant van de auto. Zo in het donker toch wel een spannend en een beetje een angstig moment.
Dit is de laatste avond op deze geweldige plek, dus terwijl we wat te drinken nemen zetten we vast wat spulletjes klaar voor vertrek morgen en liggen we 'pas' om tien uur in bed.