Rode verkleuring van zand bij zonsopkomst.
Een hele zware beklimming.
Zeldzaam groen in het duinlandschap.
Het volgende doel is de Sossusvlei, zo'n 15 km verder. We stoppen bij een parkeerplaats waar we de auto achterlaten en met een 4wd shuttle de laatste 5 km afleggen. Het is maar goed dat we niet zelf rijden, want we hadden absoluut vast gezeten. Er staan dan ook diverse overmoedige chauffeurs met hun wagen tot de as in het losse zand.
Aan het eind van de zandrit lopen we het laatste stuk naar de Deadvlei. Een vallei tussen de duinen in de Sossusvlei, vrijwel altijd droogstaand met vele honderden jaren oude dode bomen die niet vergaan door het klimaat. Ook hier maken we weer de nodige foto's. Het is trouwens moeilijk om een foto te maken zonder een andere tourist in beeld, zo druk begint het te worden.
Terwijl we aan de rand staan en over de Deadvlei heenkijken komt een spiesbok langslopen. Verbazend dat deze prachtige dieren kunnen leven in zo'n droge en kale omgeving.
Naast de vallei ligt de hoogste duin van de hele park. Dune 7 ook wel 'Big Daddy' genaamd, zo'n 400 meter hoog en slechts enkelen redden het om deze helemaal naar boven te lopen.
We nemen de shuttle weer terug naar de parkeerplaats en rijden zelf de 60 km terug naar Sesriem. Bij daglicht krijgen we nu toch iets meer een idee van de uitgestrektheid en de verschillende kleuren van het landschap.
De deadvlei met haar beroemde dode bomen.
Dringend verzoek om de bomen niet aan te raken.
Onvoorstelbaar dat de oryx (spiesbok) hier kan overleven.
Terug bij de camping rijden we het park uit om eerst te tanken en de banden te laten controleren en als we niet veel later weer het toegangshek passeren rijden we naar Sesriem Canyon. Een nauw uitgesleten ravijn van ongeveer 30 meter diep waar we tussen de rotswanden door wandelen. De canyon staat er om bekend dat er het gehele jaar water in staat wat vrij zeldzaam is in een woestijngebied. Misschien mede hierdoor groeien er ook bomen en planten in het ravijn. Misschien niet verwonderlijk, maar we vinden het beiden gaaf en ook hier worden door ons aardig wat foto's gemaakt.
De naam Sesriem is niet zomaar uit de duim gezogen. In de tweede helft van de negentiende eeuw kwamen er groepen Afrikaanse boeren op doortocht langs het ravijn, waar vers water in schitterde. Om het water naar boven te halen, werden de leidsels (riemen) van hun ossenwagen gebruikt. Er moesten zes riemen (Sesriem) aan elkaar worden geknoopt om bij het water te komen.
Hier en daar zie je zelfs een boom of struik.
Een deel van de Sesriem Canyon met eeuwige schaduw.
Eind van de middag zijn we terug op onze kampeerplek waar we eerst de tent weer opzetten en het zand en stof van vandaag kwijt raken door een douche te nemen. We koken weer een potje, maken brood klaar voor de reis van morgen en spoelen de handdoeken even uit in de hoop dat ze morgenochtend droog zijn. Boven onze plek hangt een enorm nest van de Republikeinwever, een zangvogeltje wat met een groot aantal soortgenoten een nest bewoond van enkele meters doorsnede. Tijdens het brood klaarmaken is het groot feest voor de vogeltjes en Ans laat ze zelfs uit de hand eten. Vele tientallen vogeltjes zitten om haar heen en het duurt niet lang of diverse andere vogels melden zich.
Het is niet echt een verrassing dat we ook vanavond weer op tijd op bed liggen.