Waarschuwingsbord voor wilde honden maar helaas niet gezien.
Voor een pauze zoek je de schaduw.
Niet lang daarna bereiken we de grens waar de formaliteiten redelijk vlot gaan. Je mag geen levensmiddelen het land mee in nemen, dus hebben we alles voor die tijd opgemaakt en hoeven we niets in te leveren. Om Botswana in te rijden moeten je ook eerst weer met de voeten in een bak met ontsmettingsmiddel gaan staan en met de auto moeten we door een ondiep bad met hetzelfde middel rijden. Maar uiteindelijk staan we dus in Botswana.
De eerste grote plaats die we bereiken is Kasane, waar we lokaal geld pinnen (Pula's), wat broodnodige boodschappen doen in een supermarktje en de tank weer vol laten gooien. In supermarkten wordt geen alcohol verkocht, dus zullen we in de naastgelegen slijterij moeten zijn voor een aantal lokale biertjes voor vanavond. Op advies van een winkelhulp nemen we een aantal blikjes St. Louis mee. Ik ben benieuwd hoe ze smaken.
Zonder oponthoud rijden we de laatste kilometers verharde weg waarna we bij een afslag naar onze volgende bestemming, Senyati Safari Camp, de wagen weer in de 4-wiel stand zetten en het laatste deel van de route afleggen. Een zandweg waarbij we de keuze hebben tussen een 2x4 route of een 4x4 route, waarbij we voor de eerste kiezen. Even later zijn we blij dat we deze keuze gemaakt hebben want zelfs deze 'gemakkelijke' route is voor een groot deel los zand. Hoe moet de 4x4 router er dan wel niet uitzien?
Ons luxe plekje bij Senyati Safari Camp.
Langs de bar/terras zien we nog net de waterplas.
Bij Senyati Safari Camp aangekomen krijgen we, waarschijnlijk door de vroege boeking, kampeerplek 1 aangewezen. De mooiste plek van de camping met nog een beetje zicht op de waterplas waar het camp bekend om is. Vanaf onze plek kunnen we zien of er dieren komen drinken. Elke kampeerplek heeft een hut met eigen toilet, een overkapping met een aanrecht met kraan en gootsteen, en een heerlijk warme houtgestookte douche.
Als we ons aan het installeren zijn en bezig zijn om onze slaapplek op de wagen in orde te maken horen we een hoop lawaai. Een kudde van zo'n 15 olifanten komt drinken en badderen dus we laten de boel de boel en gaan even kijken. Daarvoor heb je een boventerras met bar waar je heerlijk kunt zitten, een benedendeck waar je, zonder hek, slechts 20 meter van de dieren afzit en een ondergrondse gang die je naar een bunker tot vlak bij de waterplas brengt. Vooral het benedendeck is best wel spannend.
Ans zit niet ver bij de olifanten vandaan.
De gehele dag komen olifanten drinken en spelen.
Na een tijdje gaan we toch terug naar onze kampeerplek waar we ons verder installeren, wat te eten maken en een heerlijke warme douche nemen. Inmiddels is het donker geworden en na de koffie gaan we terug naar de waterplas die de hele nacht verlicht is. Alleen de tijd dat wij er zitten krijgen we al bezoek van zo'n 80 olifanten maar ook van bokkies, zebra's en de altijd grappige wrattenzwijnen.
Later die nacht in bed, omdat we dichtbij staan, horen we heel veel dierengeluiden en gespetter maar we slapen er niet minder om.